De uitspraak vandaag in hoger beroep tegen Café Victoria in Breda toont aan hoe krakkemikkig de invoering van het rookverbod in de horeca is. De rechter sprak deze keer het café op basis van de belangrijkste van de vijf door de KHO-advocaten geformuleerde bezwaren vrij van overtreding van het rookverbod: het rookverbod zoals dat in de maatregel werd opgelegd aan kleine cafés zonder personeel is strenger dan de tabakswet toestaat.
In de Bredase rechterlijke uitspraak werd het tweede argument van de Stichting al toegewezen: het rookverbod veroorzaakt oneerlijke concurrentie voor deze kleine cafés tegenover de grotere horecazaken, die een rookruimte kunnen inrichten.
De laatste drie argumenten baseren zich op Europese regelgeving over concurrentie en noodzakelijkheid van door de overheid uitgevaardigde maatregelen.
Het laatste woord is met deze uitspraak echter nog niet gesproken. De minister heeft al aangegeven in cassatie te gaan bij de Hoge Raad, het hoogste rechtscollege op strafrechtgebied. Ook daar krijgt de Stichting weer de mogelijkheid weerwoord te bieden.
Eind mei speelt ook het hoger beroep dat de Stichting instelde tegen de negatieve uitspraak inzake het Groningse café De Kachel. Theoretisch gezien kan dit hoger beroep tot de tegengestelde uitspraak komen als het gerechtshof in Den Bosch.
Naast deze strafrechtelijke trajecten speelt ook nog een belangrijke bestuursrechtelijke procedure tegen Café De Kachel. Die zal binnenkort in hoger beroep voortgezet worden bij het gerechtshof in Rotterdam en later eventueel bij het College van Beroep voor het Bedrijfsleven, vergelijkbaar met de Hoge Raad.
Uitspraak